Terug naar kennisbank

Over PAS-melders en de stoppersregeling in Limburg

Hoe organiseer je voortgang in een complex speelveld
landschap-limburg

De stikstofproblematiek vraagt veel van provincies. Kaders bewegen, belangen lopen uiteen en de druk om stappen te zetten is groot. In Limburg betekende dit dat regelingen moesten worden opgezet voor PAS-melders en veehouders die vrijwillig wilden stoppen, terwijl juridische en politieke ontwikkelingen elkaar in hoog tempo opvolgden. Eva Kool was namens AT Osborne betrokken als projectmanager. Zij vertelt hoe je in zo’n context voortgang organiseert, zonder de zorgvuldigheid uit het oog te verliezen.

 

Begin 2025 startte Eva als projectmanager Maatregel Gebiedsgerichte Beëindiging (MGB) en PAS-melders bij de provincie Limburg. Haar opdracht bestond uit twee samenhangende sporen: het oplossen van de problematiek rond PAS-melders en het opzetten en uitvoeren van een beëindigingsregeling voor veehouders. Daarvoor werkte zij nauw samen met beleidsmedewerkers, juristen en uitvoeringsspecialisten van de provincie Limburg.

Beperkte juridische ruimte

Eva: “PAS-melders zijn als ondernemers buiten hun schuld om in een illegale situatie beland. De vergunning van deze boeren was destijds rechtmatig onder het Programma Aanpak Stikstof, maar dat kader is later juridisch onderuitgehaald. Voor deze mensen staat vaak hun hele bedrijf en leven al jaren stil.” Vlak vóór de start van haar opdracht maakte een uitspraak van de Raad van State duidelijk hoe beperkt de juridische ruimte was. Eva: “Er moest eerst aangetoond worden dat de beschikbare stikstofruimte niet nodig was voor natuurbehoud, alvorens die voor andere doeleinden kon worden ingezet. Dat betekende dat het legaliseren van PAS-melders op dat moment vrijwel niet mogelijk was.” 

Voor PAS-melders is de situatie extra schrijnend. “Zij kunnen hun legaliteit nauwelijks zelf herstellen en lopen risico op handhavingsverzoeken. Die voortdurende dreiging vergroot de urgentie om met elkaar te blijven zoeken naar oplossingen.”

Verschuiving naar een tweede spoor

Door die juridische impasse kwam de PAS-meldersregeling stil te liggen en verschoof de focus van haar werkzaamheden naar een tweede spoor: een beëindigingsregeling voor veehouders. Deze regeling, gefinancierd door het Rijk via een specifieke uitkering, moest provinciaal worden uitgewerkt en uitgevoerd. “De stoppersregeling stond ook open voor PAS-melders”, zegt Eva, “maar bood alleen een oplossing voor PAS-melders die wilden stoppen. Alternatieven voor voortzetting of aanpassing waren juridisch nog niet haalbaar.”

  • ‘Wachten tot alles zeker is, betekent vaak dat er helemaal niets gebeurt’

Overzicht, timing en samenhang

Het opzetten van deze regeling vroeg om intensieve samenwerking binnen de provincie. “Binnen het team met beleidsmedewerkers, subsidieverleners, vergunningverleners, juristen en mensen uit de uitvoering bracht iedereen zijn eigen expertise mee. De uitdaging zat in het samenbrengen daarvan.”

 

Eva ondersteunde daarbij vooral in regie en proces. “Mijn rol was niet inhoudelijk-juridisch. Mijn taak was om te zorgen voor overzicht, timing en samenhang. Weten wie welke kennis heeft, aanvoelen wanneer een dossier rijp is voor een volgende stap en zorgen dat besluiten goed voorbereid worden.”

Voortgang organiseren

Een van de lastigste keuzes was dat de regeling bewust werd opengesteld terwijl nog niet alle juridische vragen waren beantwoord. “Je balanceert continu”, zegt Eva. “Wanneer zet je een stap vooruit? Welke risico’s accepteer je en welke niet? Wachten tot alles zeker is, betekent in de praktijk vaak: stilstand.” De provincie koos ervoor om vooruitgang te boeken waar dat verantwoord was. “Dat vroeg om voortdurende afstemming, ambtelijk én bestuurlijk. Niet alleen over wat kan, maar ook over wat uitlegbaar is.”

Grote belangstelling, scherpe keuzes

De regeling ging in juni open en leidde tot meer dan honderd aanvragen van veehouders die wilden stoppen – aanzienlijk meer dan in andere provincies. Eva: “Tegelijkertijd was er budget voor ongeveer vijftien tot twintig bedrijven. Dat maakt de afwegingen scherp.”

  • ‘Geld uitgeven is soms best lastig. Niet omdat het er niet is, maar omdat de voorwaarden complex zijn en de impact groot’

Zorgvuldig toetsen

Die belangstelling hangt mogelijk samen met de hoge stikstofdruk rond Natura 2000-gebieden zoals de Peel en met het feit dat Limburg de regeling voor een groot geografisch deel van de provincie heeft opengesteld. “Het betekent ook dat je uiterst zorgvuldig moet toetsen”, benadrukt Eva. “Inhoudelijk, juridisch en met oog voor gelijke behandeling. Geld uitgeven is soms best lastig. Niet omdat het er niet is, maar omdat de voorwaarden complex zijn en de impact groot.”

Menselijke maat

Naast de juridische en bestuurlijke complexiteit speelt de menselijke kant een grote rol. “Voor veel veehouders is het stoppen van hun familiebedrijf een lastige keuze. Het gaat over hun toekomst en die van hun kinderen. Daarom heeft Limburg sterk ingezet op het motto: we doen het samen. De provincie heeft intensief contact met veehouders, vaak letterlijk aan de keukentafel. Tegelijkertijd staat het dossier dicht op het landelijke politieke speelveld. Beslissingen en uitspraken van de minister hebben direct effect op wat provincies wel en niet kunnen doen.”

  • ‘De vraag is steeds: hoe organiseer je voortgang in een context van juridische onzekerheid, politieke gevoeligheid en grote maatschappelijke druk?’

 

Waardevolle lessen voor andere provincies

Limburg behoort tot de eerste provincies die deze regeling zo ver hebben gebracht en wordt inmiddels regelmatig bevraagd door andere provincies. “In interprovinciale overleggen wordt vaak naar Limburg gekeken”, zegt Eva. De kern van het verhaal is volgens haar breder toepasbaar. “Veel provincies zitten in vergelijkbare situaties. De vraag is steeds: hoe organiseer je voortgang in een context van juridische onzekerheid, politieke gevoeligheid en grote maatschappelijke druk? Op dat vlak hebben we waardevolle lessen opgedaan.”

De ervaring in Limburg laat zien dat stappen mogelijk zijn, ook als het speelveld nog niet is uitgekristalliseerd. “Door samen te werken, risico’s bewust te managen en oog te houden voor de menselijke maat, kun je beweging creëren”, besluit Eva. “Dat is misschien wel de belangrijkste les.”

Zelf aan de slag?

Benieuwd wat we voor jouw provincie kunnen betekenen? We denken graag mee over een aanpak die past bij de context en de opgave.

eva-kool-1

Eva Kool

adviseur water en klimaat